email: info@emvoadvies.nl
zondag, 8 november 2026

Publicatiedatum: 20/05/2021

Categorie: Inkomstenbelasting

Rechtbank

Aard: jurisprudentie

Nummer: ECLINLRBZWB20211694, BRE 18/5158 en 18/5452

Terbeschikkingstelling pand niet bewezen


De terbeschikkingstellingsregeling van box 1 van de inkomstenbelasting is van toepassing op vermogensbestanddelen die een dga ter beschikking stelt aan de vennootschap waarin hij een aanmerkelijk belang houdt. Voor de toepassing van de terbeschikkingstellingsregeling is niet van belang of de dga een vergoeding in rekening brengt aan de vennootschap voor het gebruik van het vermogensbestanddeel.

Een bv en haar dga namen het standpunt in dat de dga in eerdere jaren een deel van een pand aan de bv ter beschikking heeft gesteld. De bv wilde alsnog de huur als kosten in aanmerking nemen. De dga claimde een verlies uit de terbeschikkingstelling van het pand, bestaande uit huurinkomsten minus kosten, een boekverlies op het pand en de terbeschikkingsvrijstelling. De huur is door de bv verwerkt in de rekening-courantverhouding met de dga. De inspecteur weigerde de huurkosten in aftrek toe te laten en accepteerde het verlies uit terbeschikkingstelling niet. Wel nam de inspecteur bij de dga een winstuitdeling in aanmerking genomen vanwege de verwerking van de huur in de rekening-courantverhouding.

De rechtbank was van oordeel dat de bv niet aannemelijk heeft gemaakt dat een deel van het pand in de betreffende jaren aan haar ter beschikking is gesteld. De verklaringen van de echtgenoot van de dga zijn met onvoldoende objectief controleerbaar bewijs onderbouwd. Het beroep van de bv heeft de rechtbank ongegrond verklaard.

De dga heeft om dezelfde redenen niet aannemelijk gemaakt dat een negatief resultaat uit terbeschikkingstelling in aanmerking moet worden genomen. De rechtbank oordeelde verder dat de inspecteur niet aannemelijk heeft gemaakt dat sprake is van een uitdeling van de bv aan de dga. Het beroep van de dga tegen de uitspraak op bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting heeft de rechtbank in zoverre gegrond verklaard.