email: info@emvoadvies.nl
donderdag, 16 april 2026

Publicatiedatum: 02/12/2021

Categorie: Ondernemingswinst

Rechtbank Noord-Holland

Aard: jurisprudentie

Nummer: ECLINLRBNHO202110044, HAA 20/1078 en HAA 20/1079

Schijnhandeling: geen commanditaire vennootschap opgericht


Van een schijnhandeling is sprake als partijen in werkelijkheid geen rechtshandeling zijn aangegaan dan wel een andere rechtshandeling zijn aangegaan dan zij volgens een overeenkomst hebben voorgewend. De bewijslast in een procedure dat een gepresenteerde overeenkomst een schijnhandeling is, ligt bij de Belastingdienst.

In een procedure voor de rechtbank claimde de belanghebbende een verlies uit onderneming, dat hij als commanditaire vennoot van een cv zou hebben geleden. Voorafgaand aan de ondertekening van de cv-overeenkomst had de belanghebbende in privé geldleningen verstrekt aan de exploitant van een café. In de overeenkomst stond dat de belanghebbende de leningen en enkele borgstellingen inbracht in een cv, die de exploitatie van het café als doel had.

Volgens de rechtbank hebben de belanghebbende en de exploitant van het café nooit de bedoeling gehad om een cv-overeenkomst aan te gaan. Aan de overeenkomst is geen uitvoering gegeven en uit niets anders dan de overeenkomst is gebleken van het mogelijke bestaan van een cv. Pas na het faillissement van de exploitant van het café heeft de belanghebbende in een herziene aangifte inkomstenbelasting voor het eerst een cv vermeld. Op de vraag in de aangifte of winst is genoten als medegerechtigde, heeft de belanghebbende in de jaren 2010 tot en met 2015 nee geantwoord. Ook de exploitant heeft in zijn aangiften nooit melding gemaakt van een samenwerkingsverband. Het aangaan van een cv was een schijnhandeling. Het geclaimde verlies was niet aftrekbaar.