email: info@emvoadvies.nl
maandag, 16 maart 2026

Publicatiedatum: 15/09/2022

Categorie: Inkomstenbelasting

Ministerie van Financiën

Aard: publicatie

Nummer: 2022-0000225329

Immigratie van aanmerkelijkbelanghouder onder Wet excessief lenen bij eigen vennootschap


Bij de Tweede Kamer is het wetsvoorstel Wet excessief lenen bij eigen vennootschap in behandeling. De staatssecretaris van Financiën heeft aan de Kamer een uiteenzetting gegeven van hoe dit wetsvoorstel uitwerkt bij de immigratie van een aanmerkelijkbelanghouder (ab-houder).

Het maximumbedrag aan schulden van de ab-houder wordt gesteld op het totaalbedrag aan schulden aan de eigen vennootschap op het moment van immigratie, maar ten minste op € 700.000. De voorgestelde wijze voor het bepalen van het maximumbedrag bij immigratie is in lijn met de manier waarop de verkrijgingsprijs van het aanmerkelijk belang bij immigratie wordt vastgesteld. Bij immigratie wordt de verkrijgingsprijs van het aanmerkelijk belang in beginsel gesteld op de waarde die de aandelen op het moment van immigratie hebben (step-up). Dit is van belang voor het vaststellen van de toekomstige omvang van de vervreemdingsvoordelen, omdat Nederland slechts belasting heft over de in Nederland opgebouwde meerwaarde van de aandelen. In het wetsvoorstel wordt voorgesteld om bij immigratie een vergelijkbare step-up te geven voor het maximumbedrag aan de schulden van de ab-houder aan de eigen vennootschap bij immigratie. Hiermee wordt rekening gehouden met de in het buitenland opgebouwde waarde en (latente) inkomstenbelastingheffing over de in het buitenland opgebouwde schuld. Daarnaast wordt voorkomen dat gelden, die buiten de periode van Nederlandse belastingplicht als lening aan de vennootschap zijn onttrokken, in de Nederlandse heffing worden betrokken.