email: info@emvoadvies.nl
woensdag, 15 april 2026

Publicatiedatum: 10/11/2022

Categorie: Inkomstenbelasting

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden

Aard: jurisprudentie

Nummer: ECLINLGHARL20229077, BK-ARN 21/00859 tot en met 21/00861

Niet uitbetaald deel pensioen was vorderbaar en inbaar


Inkomsten worden belast op het moment waarop zij worden betaald, verrekend, rentedragend of vorderbaar en inbaar zijn geworden.

In een procedure over uitkeringen van een in eigen beheer opgebouwd pensioen stelde de Belastingdienst zich op het standpunt dat het niet betaalde deel van het pensioen terecht was belast omdat de pensioengerechtigde dat deel kon verrekenen met zijn schuld aan de bv. De pensioengerechtigde beriep zich op een afspraak met de bv dat de helft van het pensioen renteloos schuldig zou worden gebleven. Dat zou betekenen dat het niet betaalde gedeelte van het pensioen niet vorderbaar was.

Hof Arnhem-Leeuwarden vond niet aannemelijk dat deze afspraak was gemaakt. Het hof merkte op, dat als de afspraak zou zijn gemaakt na het tijdstip waarop de uitkeringen vorderbaar en inbaar werden, de uitkeringen al zijn genoten. Als de afspraak tijdig zou zijn gemaakt, houdt deze in dat de helft van het pensioen op een ongebruikelijk tijdstip zou worden genoten. Met dergelijke afspraken wordt op grond van de Wet op de loonbelasting geen rekening gehouden. De situatie dat de pensioenuitkeringen door liquiditeitsproblemen van de bv niet kunnen worden uitgekeerd deed zich hier niet voor vanwege de mogelijkheid tot verrekening met de vordering van de bv op de pensioengerechtigde.

De standpunten van de pensioengerechtigde dat dat de vordering van de bv op hem waardeloos is en dat verrekening van de pensioentermijnen met deze vordering niet leidt tot een vermogensverschuiving en dat het pensioen niet voor verwezenlijking vatbaar is, heeft het hof afgewezen.

Volgens het hof kan uit de pensioenovereenkomst niet worden afgeleid dat de verschuldigde pensioentermijnen niet kunnen worden betaald door boeking in rekening-courant. Zou dat wel het geval zijn, dan nog betekent dat niet dat de pensioengerechtigde niet betaalde pensioentermijnen niet zou kunnen innen door ze te verrekenen met zijn schuld aan de bv.

Naar het oordeel van het hof zijn de belastingaanslagen terecht en tot de juiste bedragen aan de pensioengerechtigde opgelegd.